Ronald Waterreus: ‘Ik juich zelden om een goal’

Foto: Flickr.com, CC-licentie, Enric Serra.

Foto: Flickr.com, CC-licentie, Enric Serra.

In het zomernummer van De Groene Amsterdammer stond het individu centraal. Ik sprak oud-PSV’er Ronald Waterreus over het keepersvak, het vak van de eenling in het voetbalteam.

‘Ik ben het klassieke voorbeeld van de speler die het minst goed kon voetballen en daarom maar op doel ging staan. Dat komt ook doordat ik mij als kind eerst jarenlang bezighield met wielrennen; pas op mijn zeventiende ben ik serieuzer gaan voet­ballen.

Ik kon altijd goed alleen zijn. Mijn moeder zegt wel eens: “Jij ging nooit op straat voetballen alleen omdat andere kinderen dat deden.” Ik deed vooral waar ik zelf zin in had. Een keeper is in wezen meer op zichzelf gericht doordat het spel zich een groot deel van de wedstrijd buiten hem om afspeelt. Daarom moet je je negentig minuten lang kunnen focussen. Hoe ik dat deed, weet ik eigenlijk niet, maar het lukte altijd goed.

Als mijn team scoorde, dan juichte ik eigenlijk zelden. We hebben straks nog tijd genoeg om gek te doen, dacht ik. Zo heeft ieder zijn eigen foefjes om de concentratie te behouden. Ik was trouwens niet zo bezig met de nul houden. Als ik ergens een hekel heb dan zijn het wel keepers die liever geen tegendoelpunt krijgen dan met 2-1 te winnen. Het zegt mij meer als je over een heel seizoen de minste doelpunten tegen krijgt.

Qua instelling ben ik meer een indivi­duele sporter, maar ik zou het sociale aspect van het voetbal erg missen. In mijn tijd bij psv had je ploegen die meerdere jaren bij elkaar bleven. Je leert elkaar door en door kennen. Dat helpt enorm bij het afstemmen van de kleine details, zoals wie in welke situatie de korte hoek van het doel dekt of op welk been je een verdediger moet aanspelen.

Veel tv-kijkers waarderen keepers als ze een mooie zweefduik maken, maar ­mensen in het vak weten dat je dan gewoon verkeerd staat opgesteld. Ik geloof heel erg in het voetenwerk van de keeper. Als je een keeper bent die écht fit is, écht fit zoals een bokser… Dan heb je ook de power om bij één-tegen-één-situaties of corners een verschil te maken.

In mijn laatste Uefa Cup-wedstrijd voor psv ging ik twee keer verschrikkelijk in de fout. Ik wilde geen bal meer hebben en dan kunnen negentig minuten heel lang zijn. Toch moet je ook daar doorheen. Je kunt niet weg.’

Ronald Waterreus (1970) maakte bij Roda JC zijn debuut in het profvoetbal. Tussen 1994 en 2004 keepte hij vrijwel constant voor het eerste van PSV en werd hij vier keer kampioen van Nederland. In die periode maakte hij ook zijn debuut voor het Nederlands elftal. Daarna vertrok hij naar het buitenland. Zijn carrière beëindigde hij in 2007 bij de New York Red Bulls. Tegenwoordig werkt Waterreus als voetbalanalist voor de NOS.

Trefwoorden

Deel dit verhaal

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.